naar vorige artikel

Au Courant 21 / 1 (maart 2015), pags. 8–10

dit artikel in pdf

naar volgende artikel

De Wekelijksche Nieuws-bode en De Reizende Nieuwsbode – over een Amsterdams nieuwsblaadje van 4 pagina’s,
dat meer dan een eeuw lang is verschenen en toch nauwelijks als nieuwsblad werd gezien

Louis Nierijnck

foto

In de jaren ’80 kocht ik in Amsterdam bij een antiquair een exemplaar van DE EXTRA WEKELIJKSCHE NIEUWS-POST uit 1807. Het blaadje telt vier pagina’s en omdat het gedateerd is op 30 december, bestaat het grootste deel van het achteromslag uit een oudejaars ‛slot- en klink-vers’.

SLOT- EN KLINK-VERS,
By Het Eindigen Des Jaars 1807.

Al wederom, byna; één vluchtig JAAR verdwenen,
Zo rold elks Levensuur, eens eindelyk naar 't graf,
Zo neemt de schoonste Bloem, in geur en aanzien af;
En moet haar heerlykheid, van 't lot des tyds ontleenen,

Zo geeft elk Jaar ons stof tot blydschap en tot weenen,
Spreid ginds de hoop tot VREE! en herwaards de Oorlogsstraf,
Gelukkig, die het al, aan GODS bescherming gaf;
Die, zag zoms in de nood, de beste hoop verscheenen.

Sluit STAD-GENOTEN sluit, met ons dit OUDE JAAR,
En dank voor zo veel goeds, den wyze ALZEGENAAR!
Wil hopend op zyn gunst, één ander JAAR beginnen,

Werd onzen wensch voldaan, dan bloey elk in zyn stand!
Dan brengt de lieve Vreê, een stroom van heil voor 't Land,
En dan; moet onzen POST, vernieuwde aandacht winnen.

Zodra ik het kleinood (15 × 20 cm) zag, was ik blij verrast, vooral ook omdat de helft van de voorpagina wordt ingenomen door een fraaie houtgravure van een ruiter die op een hoorn blaast.
De uitgave was ook daarom zo bijzonder omdat er statistieken in werden gepubliceerd van de vele gebeurtenissen die de afgelopen week waren voorgevallen – zie de tekst onder (MET CONCENT.). Een heel bijzonder ‛krantje’, dat ik op mijn terugreis in de trein diverse malen heb gelezen; ik koester het als een bijzondere aanwinst voor mijn collectie. Bij een kort bezoek aan het Persmuseum in Amsterdam later die dag heb ik nog een tweetal nummertjes uit 1789 en 1791 ontdekt.

foto

Onderzoek

Thuisgekomen raadpleegde ik de Nederlandsche Spectator uit 1877, waarin de befaamde Sautijn Kluit over dit blad heeft geschreven. Hieruit bleek dat het nieuwsblaadje in 1789 voor het eerst was verschenen en aanvankelijk door Martinus Van Kolm in de Tuinstraat nr. 169 te Amsterdam werd gedrukt en uitgegeven. Hoewel het niet als een echte krant werd beschouwd, is het wel degelijk een nieuwsblad, zij het dat op slechts vier bladzijden het nieuws alleen summier kon worden gebracht. Het buitenlands nieuws moest het doen met enkele volzinnen en verder bevatte het blad enkelregelige advertenties. Naar het Amsterdamse blaadje werd in die tijd reikhalzend uitgekeken; het werd door een aantal in kleurige kledij gestoken rondbrengers of rondbrengsters bij de vaste klanten bezorgd. Het blad veranderde in 1832 zijn titel in: DE REIZENDE NIEUWSBODE, maar behield dezelfde samenstelling en ook de gravure op de titelpagina bleef ongewijzigd. Volgens Sautijn Kluit bestond het nog in 1877, omdat hij het toen regelmatig kocht voor 2 cent. Een advertentie van enkele regels kostte destijds 1 gulden. De Koninklijke Bibliotheek noteert echter dat het blad waarschijnlijk gestopt is in 1890, dus kort na de 100ste jaargang.

De Reizende Nieuwsbode

Vanaf 1832 ging het blad met de nieuwe titel DE REIZENDE NIEUWSBODE tweemaal per week verschijnen. Volgens Kluit had het blad een grote oplage, die voornamelijk in Noord-Holland en Utrecht werd verspreid. “Geen enkel weekblad in die tijd had een groter debiet”, vervolgt hij. De oorzaak van die grote oplage was het feit dat het “in de voorname koffiehuizen en op de tafel der aanzienlijken werd aangetroffen”. Het is een genot om te lezen in zo’n “getuige uit de tijd zelf” hoe bijvoorbeeld de kermis (Hartjesdag) werd gevierd – zie het verslag hiernaast. Wie op deze tekst klikt, ziet dat op de tiende regel het loden tekstblokje met het woord ‛snoepert’ op zijn kop is gezet, een simpele vergissing uit het loden tijdperk! Al lezende gaat een film uit de verleden tijd door je hoofd! Je leest er over kleine ongemakken en ongelukken, die tegenwoordig niet meer tot het plaatselijke nieuws behoren. Ik kan wel zeggen dat ik het blad opnieuw heb verspreid!

foto

foto

foto

Aankoop van een grote partij exemplaren

Volgens de veilinghouder te Utrecht had ik in 1982 veel geluk bij de aankoop van zo’n dertig jaargangen en losse nummers van De Reizende Nieuwsbode, slechts tegen de taxatieprijs! Het was immers een prachtige verzameling, die afkomstig was van de drukkerij van Van Kolm uit de Tuinstraat in de Jordaan. Later werd het blad uitgegeven op de Wijttenbachstraat 36 in Amsterdam-Oost, maar gedrukt op de Herengracht 319. Volgens Kluit, die dit nauwkeurig had uitgezocht, omvatte de geveilde jaargangen de volledige inventaris van de drukkerij, inclusief het houtblok, dat jarenlang werd gebruikt voor de eerste pagina van de Nieuwsbode. Sindsdien heb ik honderden exemplaren in ruil aangeboden aan collega-verzamelaars in binnen- en buitenland. Bij bezoekjes aan hen ontdekte ik nogal eens die De Reizende Nieuwsbode in een lijstje aan de muur! Het was een wonderlijk curieus nieuwsblaadje, dat meer dan een eeuw heeft bestaan en steeds met vier bladzijden is verschenen.